Archief July, 2011


Mijn telefoon piept. Het is een smsje van Jude: ‘Kijk even op twitter naar het voorstel van Pieter Hilhorst. Lijkt me echt wat voor jou.’ Een paar klikken verder lees ik Pieter’s column in de Volkskrant over het Broodfonds en zijn voorstel om er ook een op te richten. Dit fonds, zo lees ik, is een ‘arbeidsongeschiktheidsverzekering’ voor en door zelfstandigen gebaseerd op wederzijds vertrouwen.  Klinkt goed.

Het moment dat ik, jaren geleden, de navelstreng met ‘het kantoor’ doorknipte en voor mezelf begon, nam ik onmiddellijk contact met mijn bank op om zo’n verzekering af te sluiten. Mijn gezin is afhankelijk van mijn inkomen en dus kan ik het mij niet permitteren om hier onzorgvuldig mee om te gaan.

De bank daarentegen kan het zich kennelijk prima permitteren om onzorgvuldig met mij als klant om te gaan. Na maanden mailen, bellen, ja zelfs smeken, lukte het me nog niet om een arbeidsongeschiktheidsverzekering af te sluiten en omdat ik tegen die tijd al zoveel horrorverhalen over ‘de kleine lettertjes’ heb gehoord, besluit er vanaf te zien en onkwetsbaar te worden.

Als ook uit onderzoek van de Autoriteit Financiële Markten blijkt dat AOV-verzekeringen vol staan met kleine lettertjes en uitsluitingsbepalingen waardoor verzekerden vaak bedrogen uitkomen, ben ik even opgelucht. Ze hebben mij niet weten te vangen. Maar helaas maakt me dat nog steeds niet onkwetsbaar. Dat weet ik stiekem ook wel.

Daarom lees ik met bovengemiddelde interesse over het Broodfonds: een coöperatie van minimaal twintig en maximaal vijftig zelfstandigen, die elkaars verzekering vormen. De deelnemers zetten elke maand een vast bedrag op een aparte rekening – voor een uitkering van 1500 euro netto per maand is dat 67,50 euro – en de beheerder van het fonds is bevoegd om bij ziekte een klein bedrag van alle deelnemers naar de zieke over te schrijven. Dit alles werkt het op basis van vertrouwen. De bureaucratische controle is ingeruild voor sociale controle en omdat het een gift betreft is het ook nog eens belastingvrij.

Ik gniffel. Zo kan ik, buiten de woekerpraktijken van verzekeraars om, toch een bepaalde mate van bestaanszekerheid op te bouwen. Enthousiast tweet ik Pieter dat ik graag mee doe. Het strookt volledig met mijn idee over Het Nieuwe Werken/leven: Samenwerken/leven op basis van vertrouwen en verantwoordelijkheid.

Nog geen week later woon ik de eerste Broodfonds bijeenkomst bij. Ik kijk mijn ogen uit hoe snel twitter mensen weet te mobiliseren, en dat in vakantietijd. Zo’n veertig geïnteresseerden bespreken, onder leiding van Pieter Hilhorst en de initiatiefnemers van het eerste Broodfonds, hoe we ons eigen Broodfonds op kunnen zetten. Het eerste fonds heeft zich inmiddels bewezen. Het bestaat nu zo’n vijf jaar naar ieders tevredenheid en aangezien één op de tien werknemers inmiddels zelfstandig is, verwachten de initiatiefnemers dat het aantal broodfondsen de komende jaren enorm zal gaan groeien.

Zoals altijd zijn er een aantal aanwezigen die de kleine lettertjes blijven zoeken, maar het merendeel laat enthousiast weten een nieuwe vorm van solidariteit in het Broodfonds te herkennen. En ook mij spreekt de veerkracht van sociale netwerken die mensen in staat stelt elkaars tegenslagen op te vangen zo aan dat ik me meteen als ‘snelle starter’ opgeef. Wij ‘snelle starters’ zullen na de vakantie beginnen met het oprichten van een verzekering op basis van vertrouwen.

Triomfantelijk fiets ik even later naar huis. ‘Kolossale organisaties die drukker bezig zijn met de kwartaalcijfers dan met de klant, maakt uw borst maar nat want dit staaltje solidariteit van onderaf is nog maar het begin.’

Roos Wouters is auteur van het boek Fuck Ik ben een feminist en het onlangs verschenen boek Carrièrebitches en Papadagen: hoogste tijd voor Het Nieuwe Werken.  Ze werkt als freelance publicist, columnist, debatleider en adviseur. Als Voorzitter van de Stichting Het Nieuwe Werken Werkt! geeft Roos lezingen, adviezen en workshops aan overheid en bedrijfsleven over Het Nieuwe Werken: hoe een evenwichtige combinatie van werk en privé tot stand kan komen voor werknemers en werkgevers. www.HetNieuweWerkenWerkt.nl Deze en andere columns zijn ook te lezen op hetnieuwewerkenblog.nl

 

 

 

 

Echt? Ja echt.

Na mijn eerste Samhoud-blog kreeg ik een email van Hanneke van Gompel, schrijfster van het boek ‘Van denken naar voelen; de spirituele reis van een zakenvrouw’. “Ik werd getriggerd door je column, vroeger zou ik denken, nu voel ik: ik wil haar graag een boek cadeau geven. Waarom … ik weet het niet, gewoon vanuit mijn hart en ziel.” Een paar dagen later lag het boek in mijn brievenbus. Op de eerste pagina: “Voor Dina-Perla, gewoon op gevoel een verbinding met een mederechtvaardigheidsstrijder! Veel leesinspiratie, Hanneke.” Vanaf dag één kreeg dit boek voorrang op de andere boeken die ik in mijn drukke bestaan probeer te lezen. Onderweg naar kantoor en terug naar huis las ik een aantal pagina’s, had ik ’s avonds een momentje, dan ging het boek open en de paar dagen strand besteedde ik aan dit boek. Inmiddels in de kaft verkreukeld. Iets wat nooit gebeurt omdat ik altijd netjes met mijn boeken omga. En af en toe staat er een uitroepteken langs de tekst.

Hanneke is het bewijs dat hoogstaande literatuur altijd niet nodig is als het verhaal maar echt is. Echtheid, daar ontbreekt het vaak aan in deze tijd. Zij deelt haar ervaringen en vertelt hoe zij van denken naar voelen is gereisd. Hanneke’s reis leidde naar bewustwording waardoor zij een completer mens werd. Zij heeft het onder andere over de gevoelsrevolutie, duurzaamheid, new science en authentiek leiderschap. Thema’s zoals (controle) loslaten, perfectionisme en behoefte aan erkenning komen aan bod. Voor wie het niet zo heeft op ‘gevoelsteksten’ nogmaals het sterkste tegenargument: de inhoud is oprecht. Bovendien kun je op een gegeven moment niet om gevoel heen, lijkt mij.

Hanneke vertelt bijvoorbeeld over de Amerikaanse celbioloog Bruce Lipton die aantoonde dat één van de belangrijkste oorzaken van ziekte stress is. Zij heeft het over de belemmering van angst die geïnternaliseerd is, maar ook door anderen van buitenaf wordt opgewekt en vooral in stand wordt gehouden. Ik vraag mij dan af welke van de twee erger en fataler is voor iemands bestaansrecht. Hanneke laat zien wat er gebeurt als mensen niet dicht bij zichzelf blijven, wegrennen van datgene wat zij altijd al hebben willen doen of in een omgeving blijven hangen waarbij ze niet zichzelf kunnen zijn. Aan het eind van het boek laat zij zien wat authentiek leiderschap inhoudt. De wereld kan dit soort krachtige figuren gebruiken, want boven alles zijn zij… echt.

Het boek gaf mij een aantal tips en trucs en vooral bevestiging. Ieder individu zoekt naar de juiste plek in de grote klas die wij samenleving noemen. Om de angst en het onbehagen van de omgeving de baas te kunnen worden, moet de focus eerst door een individu op zichzelf gelegd worden en die geïnternaliseerde angst moet worden afgebroken. Geen idee of interne of juist externe angst erger is, maar ik weet wel dat interne angst moeilijker wordt afgebroken dan externe. Bij intern moet er namelijk worden gevoeld, gehandeld en overwonnen. Dat is de reis die wij vallen en opstaan noemen. Extern is secundair, want als iets echt is, dan doet het er uiteindelijk niet toe of het extern gedragen wordt, want dat gebeurt in de finale.

Een paar voorbeelden. In het eerste weekend van juni werd de nieuwe hoofdredacteur van de New York Times internationaal bekendgemaakt. Voor het eerst in de geschiedenis bleek er een vrouw voor de job gekozen te worden, namelijk Jill Abramson. De ‘gray old lady’ komt na 160 jaar (!) in handen van een vrouw. Jill Abramson is net zo’n groot mirakel als Barack Obama. Mijn laptop ging van mijn schoot toen ik het las, nog voordat ik er erg in had, kwam er een soort pure ‘whoew’ in de ruimte en deed ik een dansje door de woonkamer. Ondanks het mannelijke journalistieke bolwerk, de tegenstribbelingen dat Abramson weinig kaas heeft gegeten van online journalistiek enz., zette zij de kroon van de ‘gray old lady’ op haar hoofd. Dit voorbeeld ondersteept Hanneke’s boek.

Iets dichter bij huis dan. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) wordt voor het eerst door een vrouw geleid, namelijk door de Française Christine Lagarde, die de afgelopen maanden niet altijd even positief door de media werd geportretteerd. Lagarde’s noodoplossing om de wereldeconomie te redden en kwalitatieve werk veegde haar concurrent van tafel. Een beetje Neelie Kroes van Frankrijk.

Tot voor kort begreep ik de buzz rondom ‘Eat, pray, love’, een boek van Elizabeth Gilbert niet. Het boek leverde een aardige film op met Julia Roberts, waarin een aantal mooie boodschappen werden verwerkt in de zoektocht van deze vrouw naar zichzelf. Totdat ik Gilbert’s TED speech beluisterde. Hierin vertelt zij hoe zij met haar angsten als kunstenaar omgaat, zeker na zo’n wereldwijd succes te hebben mogen ervaren. Zij heeft het over het creatieproces en het bijbehorende zware bestaan dat altijd maar voor lief is genomen en breed is geaccepteerd als vanzelfsprekende bijkomstigheid van de creatieveling. Haar interne strijd vertelt zij oprecht en het wordt extern gedragen. Haar woorden voelen echt.

Nou heb ik niet veel uren van mijn leven aan Oprah Winfrey besteed, maar die bewuste laatste uitzending na 25 jaar moest ik coute que coute zien. Er waren tranen. Ongelooflijk bizar voor iemand die geen noemenswaardige binding heeft met het programma en vanuit professioneel oogpunt de structuur van haar laatste speech doorzag. Love it or hate it, deze dame heeft iets ongekends mogen maken van haar leven en is als geen ander het boegbeeld van denken naar voelen. Als zij iets zei, werd het gehoord. Als zij iets vond, werd het aangenomen. Als zij iets wilde, werd het bereikt. Zij gaf uren en kreeg er de eeuwigheid voor terug. Boven alles was zij niet stil en veranderde daarmee de grootste duisternissen der mensdom. Zij raakte en er werd bewogen. Als een individu maar 5% van Oprah zou mogen bereiken, zou dat al speciaal zijn. Maar alles wat echt is, kan. Met overwinnende angst. Echt? Ja echt.