Archief voor de ‘Discussie’ Categorie


Een tijdje terug deed ik een assesment. Niet voor een werkgever, maar voor mijzelf. Ik wilde wel eens zien wat mijn sterke en zwakke kanten zijn.

Als kind had ik de ambitie om schrijfster te worden. Toen bleek dat ik dyslectisch was raadde men mij aan deze ambitie te laten varen. Lezen en schrijven kostte mij moeite en dus was het schrijverschap niet voor mij weggelegd. Maar niet getreurd, slim was ik misschien niet, maar ik was wel handig. Mijn moeder kon het niet vaak genoeg benadrukken; die kleine is zoooo handig. Die grote, mijn zeven jaar oudere zus, was fotomodel, verdiende al op jonge leeftijd ongeveer net zoveel als mijn moeder en kon bovendien ook nog leren als de beste.  Daarentegen kon ik de stofzuiger razendsnel repareren, evenals de fiets en was ik zeer behendig met de boor en schroevendraaier. Aangezien een man aan ons huishouden ontbrak werd deze eigenschap bovenmatig gewaardeerd. Gut, wat was ik handig.

Nu voel je het misschien al aankomen, ik wilde helemaal niet handig zijn maar slim. Ik wilde schrijven. Na de uitslag van de cito-toets  adviseerde mijn meester mij lbo-mavo, besloot ik om het er niet bij te laten zitten. Met het telefoonboek op schoot belde naar het Montessori Lyceum en vroeg naar de directeur. Ik  wilde een afspraak met hem maken, want ik moest en zou naar zijn havo-vwo school. De directeur, die kennelijk niet elke dag door een basisscholier werd gebeld, verzekerde zich ervan dat dit mijn eigen initiatief was en niet dat van mijn moeder, en stemde toe om naar mijn basisschool te komen om te horen wat ik te zeggen had.

Ik zie ons nog zitten aan de pingpong tafel. Hij vroeg of ik besefte dat, als al mijn vriendjes en vriendinnetjes buiten aan het spelen waren, ik die extra tijd nodig had om mijn huiswerk af te maken? Wist ik zeker dat ik dat er voor over had? Ik knikte zo driftig dat ik er naderhand spierpijn van in mijn nek had. De directeur, duidelijk onder de indruk van mijn gedrevenheid, stemde uiteindelijk in. Terwijl al mijn vriendjes en vriendinnetjes naar het gymnasium gingen, ging ik als enige naar het Motessori Lyceum. Wat was ik trots. Dat had ik toch maar ‘handig’ voor elkaar gebokst.

Na het afronden van mijn havo, besloot ik mijn vwo diploma te gaan halen. Ik zou bewijzen dat ik niet alleen handig maar ook slim was en dus eindigde mijn schoolcarrière ook daar niet. Ik stroomde door naar de universiteit. Al wilde ik liever de opleiding journalistiek doen, de keuze tussen een hbo opleiding en de universiteit was snel gemaakt. Ik koos wederom voor de weg met de meeste weerstand. Politicologie was een mooie basisopleiding en daarna kon ik altijd nog de verkorte opleiding journalistiek volgen. Aan doorzettingsvermogen ontbrak het me in elk geval niet.

Nu ik mijn geld voor een groot deel met schrijven verdien en mijn tweede boek bij de drukker ligt zou de score van het assesment mij dus niet moeten verbazen. Mijn ambitie blijkt groter dan het meetinstrument kon behappen. En toch verbaasd het mij wel. Ik zou mijzelf  niet snel als ambitieus omschrijven. Iemand die ambitieus is, zo dacht ik, wil de top bereiken, CEO bij Shell worden, of minister president. Ambitie staat voor macht, geld en status en daar ben ik helemaal niet in geïnteresseerd. Ik voel geen enkele behoefte om strak in ‘t mantelpak op stiletto naaldhakken de Zuid-as te bestieren, zoals ik sommige topvrouwen zie doen en dus concludeerde ik dat ik niet ambitieus was.

Verbaasd vroeg ik Joost of hij dat verwacht had. Hij keek mij aan of hij het in Keulen hoorde donderen. ‘Verbaast dat jou dan?’ reageerde hij verbouwereerd. ‘Jij bent extreem ambitieus!’

Maar hoezo dan? Telkens als ik een stap op de carrièreladder zet, ben ik weer zo eigenwijs dat ik mezelf niet bepaald geliefd maak.

‘Maar liefje, dat komt doordát je zo ambitieus bent. Jij gaat weg bij Opzij omdat je ze niet geëmancipeerd genoeg vindt, je richt een stichting op omdat je emancipatie in de praktijk wilt bewerkstelligen voor mannen én vrouwen. Jij hebt de ambitie om de wereld te verbeteren en dat doe je als schrijvende dyslect. En dan vraag je mij of ik zag aankomen dat je hoog op ambitie zou scoren?’

Aan dit gesprek moet ik terug denken als ik over het boek s(top)vrouwen van Carolien Bijen hoor. In het boek behandelt Carolien de vraag waarom het overgrote deel van de hoogopgeleide vrouwen in Nederland eindigt als stopvrouw en niet als topvrouw. Op  basis van de onderzoeksconclusies roept ze op tot feminisering van organisaties en een einde aan de verspilling van talent. Ze concludeert dat vrouwen niet minder ambitieus zijn, maar andere ambities hebben en dat organisaties daar wat meer oog voor zouden moeten krijgen.

Nu dringt het pas goed tot mij door. Kennelijk hanteer ik een mannelijke definitie van ambitie, waaraan ik inderdaad niet voldoe. Volgens de vrouwelijke definitie van ambitie ben ik echter meedogenloos ambitieus.

De drijfveren van vrouwen, zo laat Carolien weten, zijn anders dan bij mannen. “Mannen gaan voor geld, resultaat, macht, status en carrière. Vrouwen voor erkenning, betekenisvol bezig zijn, verbinding, flexibiliteit en persoonlijke aandacht. ”

Tijdens haar zoektocht naar stop- en topvrouwen, sprak Carolien onder andere met Muriel Arts, Ellen Faber, Jannet Vaessen, Marike van Lier Lels, Mirjam Sijmons en Marion Koopman. Wat deze succesvolle vrouwen verbindt zijn autonomie, lak aan de rest van de wereld, eigenheid, een houding om het maximale uit zichzelf te halen (waarbij er geen beperkingen zijn), en zelfvertrouwen.

Mijn zwakke plek bestaat dus niet uit het hebben van de eerste paar eigenschappen, maar aan het gebrek van dat laatste: zelfvertrouwen. En ik maar proberen die andere eigenschappen in te tomen.

Nu ik weet dat dit niet hoeft en ik gewoon mezelf mag zijn heb ik zoveel meer zelfvertrouwen. hoezo, ik niet ambitieus? Ik ben hyper ambitieus. Ik heb de ambitie om de wereld te verbeteren en om dat te bereiken zal ik vanaf nu mijn autonomie, eigenheid en lak aan de rest van de wereld, bewuster inzetten om op die manier het maximale uit mezelf te halen.

Dames en heren, maak je borst maar nat, want hier kom ik!

Wat is jouw ambitie? Kom op 12 april naar de Samhoud Women netwerkbijeenkomst en deel je ambitie met ons!

Groet en hopelijk tot dan,

Roos Wouters

Roos Wouters is politicoloog (UvA) en werkt als freelance publicist, columnist, debatleider en adviseur. Als Voorzitter van de Stichting Het Nieuwe Werken Werkt! geeft Roos lezingen, adviezen en workshops aan overheid en bedrijfsleven over Het Nieuwe Werken: hoe een evenwichtige combinatie van werk en privé tot stand kan komen voor werknemers en werkgevers. www.HetNieuweWerkenWerkt.nl

Vrijdagochtend fiets ik, keurig geknipt en gestreken, naar BNR nieuwsradio. Daar heb ik een afspraak met Rens de Jong, de adjunct-hoofdredacteur. Ik wil hem overhalen om de presentatie van mijn boek ‘Carrièrebitches en papadagen’ feestelijk bij de radiozender te presenteren evenals de eerste Het Nieuwe Werken Werkt certificaten.

In het immer rumoerige café Dauphine vertel ik Rens gepassioneerd over de Nieuwe Werken Meter en het certificaat, dat stichting Het Nieuwe Werken Werkt heeft ontwikkeld. Ik leg hem uit dat mijn doel is een stap verder te gaan dan de Charter Talent naar de Top en de Lof-lijst. ‘Al willen bedrijven maar al te graag als vrouw- en gezinsvriendelijk op lijstjes prijken, toch zijn er maar weinige die zich daar ook werkelijk actief voor inzetten. En bovendien, zo blijkt uit onderzoek, versterkt beleid dat zich enkel op gezinnen richt juist de gezinsonvriendelijke cultuur tussen collega’s, en laat het nou net de cultuur binnen de bedrijven zijn die níet wordt gemeten. Zolang de HR afdeling een lijstje harde voorwaarden af vinkt, heeft de lof-lijst meer weg van: ‘Wij van WC eend adviseren WC eend.’ Rens knikt begrijpend.

‘Elk bedrijf dat publiekelijk toont waar het door de medewerkers op de Nieuwe Werken Meetlat geplaatst wordt, krijgt een certificaat.’ Dit is het punt waarop Rens zich bijna in zijn koffie verslikt: ‘Hoezo dat nou weer,’ proest hij uit. Gelukkig had ik deze reactie wel zien aankomen. Dit is de lakmoesproef. Als ik erin slaag Rens te overtuigen dan is de kans groot dat mij dit ook bij anderen zal lukken. ‘Er zijn nog maar weinig organisaties die Het Nieuwe Werken uitvoeren zoals de stichting dat voor ogen heeft,’ zet ik rustig uiteen. Hoge eisen stellen schrikt eerder af dan dat het bijdraagt aan kwaliteitsverbetering. Om een voorbeeld te geven; een goede beoordeling op Iens.nl prikkelender voor het gemiddelde restaurant dan een Michelin ster. Bovendien vinden organisaties het al eng genoeg om door het personeel beoordeeld te worden.’

Al knikt Rens, toch lijkt het kwartje nog niet gevallen. ‘Ik wil bedrijven stimuleren om juist de medewerkers centraal te stellen en erop te vertrouwen dat ze ook goed presteren als hun direct leidinggevende hen niet ziet,’ vervolg ik. ‘Nu kun je dat proberen te bereiken door ze te vertellen wat het oplevert. Zo kan ik mijn kinderen bijvoorbeeld uitleggen, dat ze dingen makkelijker kunnen vinden als hun kamer opgeruimd is, meestal heeft dit weinig effect. Ook kan ik boos worden en met straffen dreigen, maar ook dit effect is van korte duur en vraagt ongelofelijk veel energie. Veel beter werkt het als ik de een, in het bijzijn van de ander, complimentjes geef voor de opgeruimde kamer. Omdat organisaties alleen een complimentje (certificaat) krijgen als ze beoordeeld zijn door het personeel in plaats van door de HR medewerker, kun je ervan uitgaan dat de troep niet in kasten en lades is gepropt. Hier geen schone schijn, what you see is what you get.’ Rens lacht smakelijk. Al is zijn dochter pas twee, toch lijkt hij deze pedagogische prikkel te herkennen.

Dan fronst hij zijn wenkbrauwen en vraagt zich hardop af of, als de stichting als Iens functioneert, BNR nieuwsradio wellicht de rol van Michelin Ster op zich kan nemen. De stichting geeft stickertjes voor goed gedrag en BNR geeft, na voldoende stickertjes, een beloning.

Nadat Rens uiteen heeft gezet dat hij hier nog eens goed over moet brainstormen met de directie, stap ik opgetogen op mijn fiets. Ik weet niet of Rens zijn directie zover krijgt, maar bij hem is het kwartje in ieder geval gevallen. Nu maar hopen dat het ook onze kant oprolt.

Roos Wouters is politicoloog (UvA) en werkt als freelance publicist, columnist, debatleider en adviseur. Als Voorzitter van de Stichting Het Nieuwe Werken Werkt! geeft Roos lezingen, adviezen en workshops aan overheid en bedrijfsleven over Het Nieuwe Werken: hoe een evenwichtige combinatie van werk en privé tot stand kan komen voor werknemers en werkgevers. www.HetNieuweWerkenWerkt.nl

Moe maar voldaan zit ik op mijn bank, mijn dochter zit in bad te spelen, zoon ligt in ons bed met zijn spelcomputertje en manlief gaat op in zijn telefoon om al zijn vrienden geluk en liefde toe te wensen. Het voelt of er een last van mijn schouders valt. De champagne is op, de oliebollen kunnen weg en ook de kerststerren mogen van de ramen. Eindelijk is het 1 januari 2011. We hebben het weer overleefd.

Ik ben zo iemand, die al rond de week van elf november vurig naar deze dag verlangt. De dag waarop alles eindelijk weer normaal wordt. Het moment waarop het nog een heel jaar duurt voordat Sint Maarten, sint Nicolaas en Santa Claus, weer stress komen brengen.

Je hebt van die mensen die het hele jaar uitkijken naar deze periode. Naar de gezelligheid, de tijd die met familie en vrienden wordt doorgebracht. En hoe zeer ik deze mensen hun genot ook gun, het liefst zou ik al die feestdagen afschaffen, het kerstfeest met stip op een. Er is geen tijd in het jaar waaraan ik een grotere hekel heb dan deze en ik schijn niet de enige te zijn zo weet mijn moeder me te vertellen. In de lange tijd dat ze op een advocatenkantoor heeft gewerkt is haar opgevallen, dat de feestdagen gegarandeerd topdrukte met zich meebrachten. Nog tussen kerst en oud en nieuw groeide het aantal echtscheidingen dat werd aangevraagd schrikbarend en ook werden familieleden massaal onterfd en de voogdij over kinderen vuriger aangevochten dan ooit. Mijn moeder kan zich de toename van het aantal vrouwen dat met sjaaltjes en grote zonnebrillen om hun jankogen te verbergen binnen kwamen lopen, nog goed herinneren want tegen gedwongen gezelligheid met de nadruk op de familie, is niet iedereen bestand.

Inderdaad blijkt uit onderzoek van de Familierecht Advocaten en Scheidingsbemiddelaars (vFAS) dat er na de feestdagen en zomervakantie een duidelijke piek zichtbaar is in het aantal scheidingen. Uit datzelfde onderzoek blijkt, dat vrouwen vaker het initiatief nemen om te gaan scheiden dan mannen, en al denken mannen dat overspel of ontrouw de belangrijkste reden voor een scheiding is, toch blijkt de hoofdoorzaak te zijn dat paren gewoon uit elkaar zijn gegroeid. Dat valt vooral op als je plots dagenlang dicht op elkaar in een huiselijke omgeving zit om gezellig kerstfeest te vieren. Veel stellen ontdekken dan dat dit niet meer lukt. Kun je met Pasen nog ongedwongen iets leuks met je familie doen, met Kerst is daar geen ontkomen meer aan omdat dit bij uitstek HET familiefeest is dat ook nog eens ‘het gezelligste feest van het jaar’ moet zijn. Je kunt elkaar en elkaars familie niet ontlopen en dat eist vaak zijn tol.

Mijn goede voornemen is daarom elk jaar weer dat we; mijn man, kinderen en ik, het hele jaar door vrijwillig zoveel mogelijk leuke dingen met elkaar doen waardoor we voorkomen dat we uit elkaar groeien en zonder dat de massamedia ons erop wijst dat we het verplicht gezellig met elkaar moeten hebben. En dan kunnen we gezellig de hele kers met goed fatsoen ruzie maken of de kelder uitmesten. Dat is pas feest!

Met vriendelijke groet en een heel gezellig en flexibel jaar,

Roos Wouters

Het is half tien ’s ochtends als ik besluit om toch maar met de auto naar de FNV te gaan. Gister was de langste avondspits ooit en dan blijkt dat Het Nieuwe Werken toch wel een keerzijde heeft. De volgende ochtend kan ik totaal niet meepraten met de andere ouders op het schoolplein omdat ik zowat de enige ben die niet in die 880 kilometer file heeft gestaan. In een poging om die middag wel mee te kunnen praten, krab ik daarom de sneeuw van mijn ruiten en stort mij vol goede moed in het verkeer. Helaas zonder resultaat. Er is op dat tijdstip geen file te bekennen en dus arriveer ik veel te vroeg op mijn afspraak.

Na een tijdje in een tochtige hal te hebben gewacht, ontvangt Agnes Jongerius, de voorzitter van de werknemersvereniging FNV, mij in haar warme rommelige kamer. Zo sjiek en design als alles in de kamer van Alexander Rinnooy Kan (voorzitter van de Sociaal Economische Raad) is, zo gewoontjes is het bij Agnes. Het doel van mijn bezoek is erachter te komen hoe de FNV tegenover Het Nieuwe Werken staat. Deelt Agnes de mening van Alexander dat de maatschappelijke vraag naar een nieuwe manier van werken niet erg groot is bij werknemers?

gelukkig hoef ik maar een blik op haar tafel te werpen om mijn vraag beantwoord te zien. Deze ligt bezaaid met boeken over Het Nieuwe Werken, Slimmer Werken, Anders Werken en noem nog wat van die termen. Agnes is wakker!

Toch weet ik dat de bonden Het Nieuwe Werken bij een aantal bedrijven tegenwerken. Zo is het zelfroosteren bij de Nederlandse Spoorwegen in de ijskast beland door een actieve tegenlobby. Als ik Agnes hiernaar vraag, glimlacht ze haast beschaamd: ‘Het Nieuwe Werken is ook eng. Vooral als je niet weet in wiens voordeel het uitpakt. Zo kan zelfroosteren bijdragen aan de autonomie van werknemers, maar het kan evengoed ingezet worden als manier om het recht op regelmatige rust- en werktijden te ondermijnen. Vakbondsleden die zich jarenlang actief ingezet hebben om dit recht te verwerven, willen de hakken dan nog weleens in het zand zetten. Het is belangrijk dat Het Nieuwe Werken niet alleen voordelig is voor werkgevers maar ook echt bijdraagt aan de (keuze)vrijheid van de werknemers. Echt succesvol wordt Het Nieuwe Werken pas als het voor iedereen een win-win situatie oplevert.

De angst om te verliezen wat we na een lange strijd verkregen hebben, wil onze blik nog wel eens vertroebelen. Toch ben ik er zeker van dat de maatschappelijke druk aanwezig is. Ik was ook niet direct enthousiast over Het Nieuwe Werken, maar inmiddels ben ik ervan overtuigd dat Het Nieuwe Werken net zo min tegen te houden is als de zwaartekracht. Juist de eigen keuze van de werknemer als cruciaal onderdeel van het Nieuwe Werken spreekt mij erg aan. De oude manier van werken loopt tegen de uiterste houdbaarheidsdatum aan en daarom is het hoog tijd het oude bekende los te laten, zelfs al weten we niet hoe het uitpakt.’

Verbaast trek ik een wenkbrauw op. Hoe krijgt Agnes al die oude vakbondstijgers zo ver? Het zal niet de eerste keer zijn dat ze teruggefloten wordt, omdat ze voor de troepen uitloopt. Plots verschijnt er een ondeugende twinkeling in haar ogen: ‘Ken je de uitdrukking drie stappen vooruit en twee terug?’ Ik knik beamend. ‘Nou, dan is er toch mooi één stap gezet.’

Volgens Agnes bezweer je de angst voor verandering door je te verdiepen in de vraag waar die angst of weerstand vandaan komt. Maar vooral ook door elkaar verhalen te vertellen over hoe het óók kan. Zo kun je de groep voorstanders vergroten.

‘Een verhaal waardoor ik werd gegrepen was dat van een groepje werknemers die naar een vakbondsbijeenkomst was gekomen om tips te krijgen hoe ze de vermindering van de reiskostenvergoeding tegen konden gaan. Ze vertrokken met het besluit om inruil voor deze reductie meer flexibiliteit te vragen. Daar hadden ze eigenlijk veel meer behoefte aan. Soms kan je een oude verworvenheid opgeven om er iets beters voor in de plaats te krijgen.’

Dan betrekt haar gezicht: ‘Misschien is het ook bijna onmogelijk om vernieuwing te verwachten vanuit de oude instituties. De manier waarop de politiek, de werkgevers- en werknemersverenigingen zijn ingericht, is gestoeld op de industriële revolutie. Daardoor worden er soms oplossingen bedacht voor problemen die al niet meer bestaan. Willen deze instituties vernieuwing omarmen en aanjagen, dan is het wel van groot belang dat ze daar werkelijk open voor staan en kritisch naar zichzelf blijven kijken. Ik denk weleens dat men krampachtig blijft vasthouden aan het oude, omdat het nieuwe voor hen weleens de afgrond van een ravijn zou kunnen zijn.’

Op de terugweg, wederom file vrij, haal ik opgelucht adem. Gelukkig staat er tegenover de machtigste man van Nederland een evenzo machtige vrouw die haar zelfreflectie heeft weten te behouden. Maar zo snel als de opluchting kwam, verdwijnt hij weer. Zal Agnes haar functie binnenkort neerleggen? Het is niet de eerste keer dat iemand me zo diep in de kaarten laat kijken omdat de strijd al opgegeven blijkt. Al ben ik het lang niet altijd met Agnes eens, toch hoop ik vurig dat deze vrouw het bijltje er nog lang niet bij neerlegt want het is juist háár verhaal dat nodig verteld moet worden.

Roos Wouters

Vers uit de trein, draaf ik door de motregen naar een afspraak als mijn telefoon gaat. Het is de secretaresse van Alexander Rinnooy Kan, de voorzitter van de Sociaal Economische Raad. Of ze me door kan verbinden. Verwonderd blijf ik staan en wacht wat er nu komen gaat. Het is Alexander zelf. Hij belt om te zeggen dat hij het interview van mij met hem op de blog van Samhoud Women heeft gelezen, en dat hij zich hier totaal niet in kan vinden. Dat op zich is al niet sjiek, maar vervelender is nog dat hij gebeld wordt om te reageren op iets dat hij, naar zijn idee, helemaal niet gezegd heeft.

Mijn hart schiet in mijn keel. Ik weet dat ik het stuk nogal activistisch heb aangezet, maar dat ik naar eer en geweten niets geschreven heb dat hij niet gezegd is. Terwijl mijn jas de motregen begint te absorberen stamel ik waar hij zich dan niet in kan vinden.

‘Ik heb nooit trots gezegd dat de SER nog met prikklokken werkt. Er wordt wel met prikklokken gewerkt, maar daar vraagt de werknemer zelf om. Juist omdat de SER zoveel flexibiliteit biedt willen de werknemers aantonen daar eerlijk gebruik van te maken.’ Dat heeft hij inderdaad, naar mijn idee trots, gezegd. Ook kan Alexander zich niet vinden in de scepsis tegenover Het Nieuwe Werken. Hoe ik daar nu toch bij kom. Hij staat weldegelijk positief tegenover Het Nieuwe Werken en ook werkgevers en werknemers zien voordelen.

Als een bezetene probeer ik het gesprek en mijn blog voor de geest te halen. Beschaamd en verontwaardigd tegelijk zeg ik dat ik het allemaal heel vervelend vind omdat ik hem nooit woorden in de mond heb willen leggen. Dat ik nog eens naar de opnames zal luisteren en een kanttekening bij het opiniestuk zal plaatsen. Nadat hij mij op het hart drukt de uitkomsten van het rapport ‘Tijden in de samenleving’ af te wachten omdat dit de standpunten van de SER over flexibel werken zal behelzen, hangt Alexander op.

Vijf minuten te laat verschijn ik als een verzopen kat ik op mijn afspraak. Hoe ik ook mijn best doe de vergadering geconcentreerd bij te wonen, in gedachte wordt ik heen en weer geslingerd door mijn emoties. Ben ik dan werkelijk te kort door de bocht gegaan en heb ik me te veel heb laten leiden door mijn teleurstelling? Tegelijkertijd ontpopt zich ook een zeker gevoel van triomf. Een zwaar aangezet stukje op een vrouwenblog en de telefoon van Alexander begint te rinkelen. Al heb ik hem nooit op deze manier in verlegenheid willen brengen, toch kan ik niet anders dan tevreden constateren dat het schrijven van een stukje weldegelijk effect heeft.

Thuis luister ik snel naar de opname en constateer dat ik het inderdaad wat lomp heb samengevat. Wat hij letterlijk gezegd heeft is dat er zeker voordelen aan Het Nieuwe Werken zitten en; ‘die zal ik, gerugsteund door werkgevers en werknemers ook verkondigen als het advies mij daartoe in staat stelt, maar ik denk in alle eerlijkheid dat we daar zelf ook gemengde gevoelens bij hebben. Het is een optie die moet bestaan, maar het staat nog niet vast dat er op korte termijn in hele ruime mate gebruik van gemaakt gaat worden. Dat vind ik ook niet erg want het tempo heeft ook iets te maken met de maatschappelijke druk en de maatschappelijke vraag ernaar’. En dan is de openingszin: “Werkgevers zouden niet op Het Nieuwe Werken zitten te wachten en ook is er bij werknemers nauwelijks animo voor”, wel erg kort samengevat. Alexander, mijn oprechte excuses!

Toch blijft de strekking van het stuk overeind. Alexander wacht geduldig op het zoveelste rapport. Kennelijk staat het water de polderbestuurders nog niet genoeg aan de lippen en laten wij niet genoeg van ons horen.

Met andere woorden: Dames reageer op de blog want hij wordt goed gelezen!

A global research has been conducted on ‘connection’. In 14 counties ‘&intoconnection’ researched what it means to people to be strongly or weakly connected. This research proves a.o. that connection has a positive influence on the lives of people. 

If we look at the figures and ask if women are better connected than men, we can safely say: “Yes, a little”. In most countries women are a little bit better connected than their male companions. Closer studies show that men are slightly better connected with themselves: especially when they are young they seem to know better what they want in life and how they can get it. However, it seems that for women, wisdom comes with age. By the time they reach their 40’s, they have taken over the men and score about the same on these topics. 

So far, these results seem to match our prejudiced stereotyping of men and women. Men – especially the young and ambitious ones – are mainly focused on themselves and attaining a successful career and see others as competition rather than intimate companionship. Women, being softer and more social, are much better connected to others, which suits with a more ‘domestic’ choice of career. “Hey, isn’t that our nature?!” And again, these very political incorrect assumptions seem to be correct when we look at the results. When we examine the figures, the big difference that makes women better connected, is indeed being made when we include the results of connection with others. Women score significantly higher than man. 

For all men who think they finally have some statistic to prove their superior role; I’m sorry to disappoint you. The connection with others that is measured here goes much deeper than superficial blabbering.

So this is the moment where we should abandon our stereotypes (if you hadn’t already; welcome to the 21st century). The connection that we have measured is closely related with personal success. Being well connected means that you will be more successful. It enables people to engage in better and more valuable relationships in which it is much easier to realise your personal goals. So if connection is the key to success, and men regard themselves as competitive strivers for success, then it appears that they are being beaten by the women!

So men should not shove the importance of connection aside because they are too busy with their successful career. They should not dismiss the concept as “soft”. If you want to achieve success in life, perhaps it is a good idea to have a few meetings with your female colleagues and learn something from their abilities to connect! 

One final question: what about the men in France and Italy? Or should I say what about the women over there? They seem to be equally connected. Might we conclude that they are more connected with their feminine side over there? 

For more information on the global research or of the &intoconnection movement that inspires people to connect, see www.intoconnection.com or join us on Facebook or Linkedin.

Op initiatief van een aantal mensen uit ons netwerk vond op 17 november een discussieavond plaats over het basisonderwijs in Nederland. Aan de hand van een aantal stellingen over onderwijs en uitleg over een nieuw schoolconcept, ‘De Parapluschool’ uit Ede, gingen we met elkaar in discussie. Besproken werd wat er in Nederland zou moeten gebeuren om het onderwijs te moderniseren, zodat het beter aansluit bij de wensen van ouders en kinderen. De opdracht was om een krantenkop te bedenken voor een artikel dat naar aanleiding van de avond geschreven wordt. Tot winnende krantenkop werd verkozen: Flexibiliteit van schooltijden in het belang van kinderen en ouders. Zodra het artikel af is publiceren wij dit op onze website, blog en via LinkedIn. De presentatie en meer informatie over de Parapluschool kan nu al gedownload worden: klik hier voor informatie over de Parapluschool en hier voor de presentatie. 

Geef je op voor onze discussieavond met het thema: ‘De ideale dagindeling voor je kind’ en deel je mening met ons! taal

Op 17 november organiseren wij een discussieavond voor iedereen die geïnteresseerd is in het Nederlandse basisonderwijs. Aan de hand van een nieuw concept uit Eden: ‘De Parapluschool’, gaan we met elkaar in gesprek over SkoolMatede mogelijkheden en de wenselijkheid om ons huidige onderwijs te moderniseren, om zo beter aan te sluiten bij de ontwikkelingen binnen onze samenleving (ouders die beiden werken, digitalisering, etc).

De opzet van de avond is als volgt:

18.45 – 19.00 uur Ontvangst
19.00 – 19.15 uur Peilen meningen a.d.h.v. stellingen en stemmen
19.15 – 19.45 uur ‘De Parapluschool’ door dhr. Plas
19.45 – 19.55 uur Discussieopdracht uitleggen
20.00 – 21.00 uur Diner in kleine groepen o.l.v. procesbegeleiders
21.00 – 21.30 uur Plenaire terugkoppeling
21.30 – 22:00 uur Borrelhardt-voor-kinderen-groot

Discussieer jij met ons mee? Aangezien dit geen reguliere netwerkbijeenkomst is, nodigen we iedereen van harte uit om een introducee mee te nemen.

Geef je op door een e-mail te sturen naar: netwerk@samhoudwomen.nl.

Hartelijke groeten en wellicht tot 17 november,

&Samhoud Women

Bekijk de afbeelding op ware grootteDe nieuwszender BNR heeft tijdens het Seminar Leading Ladies op 20 oktober een rapportage gemaakt over rolmodellen. Annemarie van Gaal, Marion Koopman en Marianne van Leeuwen vertellen over het belang van rolmodellen en over hun eigen rolmodellen. Zelf de radiouitzending beluisteren? Dat kan! Klik hier. (NB: de uitzinding begint met een bericht van ‘Wakker dier’. Na ongeveer 20 seconden volgt de rapportage).

 De moeder van nu is anders dan de moeder van vroeger. Waar moeders voorheen altijd thuisbleven om te zorgen voor het huishouden en het gezin, zijn er nu moeders die gewoon werken.
Er zijn zeker acht moedertypes te onderscheiden in de hedendaagse maatschappij. Dat er zoveel verschillende moedertypes zijn, komt omdat vrouwen in Nederland de keuze hebben om wel of niet te werken.

 71560533

De moedertypes die te onderscheiden zijn, zijn de carrièremoeder, de supermoeder, de hippe moeder, de fulltime moeder, de doorsneemoeder, de single moeder,
de woensdagmoeder en de übermoeder. Alle moedertypes beschikken over specifieke kenmerken. Zo werkt de carrièremoeder fulltime en de woensdagmoeder
alle werkdagen van de week op de woensdag na. De doorsneemoeder is gestopt met werken toen ze kinderen kreeg maar werkt nu weer parttime,
terwijl de übermoeder ook buiten haar gezin zorgfuncties heeft als bijvoorbeeld oppasmoeder.

 

Vaak wordt gedacht dat het voor de moeder moeilijk is een balans te zoeken tussen gezin en werk. In de praktijk blijkt dit wel mee te va
llen. Volgens het CBS raken werkende moeders minder snel overspannen in vergelijking met kinderloze vrouwen. De kinderen lijden ook niet onder het werk van de moeder. Volgens Unicef zijn Nederlandse kinderen de gelukkigste kinderen van de hele ontwikkelde wereld.

(Gebaseerd op: Elsevier (5-9-2009))